Afspraken
ONZE SCHOOL, RUSTIG en GEZELLIG!
Een gezonde school- en klassfeer
Alle leerkrachten letten extra op pestgedrag.
Dit betekent dat er altijd op conflictsituaties wordt gereageerd. De pester en gepeste worden tijdelijk van dichtbij gevolgd. Als er herhaling wordt vastgesteld, wordt dit met het zorgteam besproken zodat alle leerkrachten er de nodige aandacht aan kunnen besteden. Vanaf het tweede leerjaar krijgen leerlingen van de lagere school inspraak via een leerlingenparlement.
Belangrijk hierbij is: ‘opvoeden tot weerbaarheid' (thuis en op school) waarbij kinderen het verschil tussen plagen en pesten leren inschatten en verwerken (cf. schoolvisie).
Ook een vriendelijke en beleefde houding maakt het leven op school aangenaam. Meisjes en jongens gedragen zich hoffelijk tegenover elkaar. Vrijpostig of uitdagend gedrag wordt niet aanvaard in de school, op de speelplaats en aan de poort.
De kinderen gedragen zich steeds beleefd, vriendelijk en welwillend tegenover elkaar, de leerkrachten, de directeur en de bezoekers van de school.
De leerkrachten worden aangesproken met ‘meester' of ‘juffrouw'. Andere volwassenen met ‘mijnheer' of ‘mevrouw'. Leerlingen worden aangesproken met hun voornaam.
Kinderen laten volwassenen voorgaan. Indien een leerling naar een ander lokaal gaat, wordt er voor het binnengaan eerst geklopt op de deur. Aan dit alles wordt concreet gewerkt (cf. levenshouding bij visie).
Eetzalen
Na een bezinnend moment eet men in stilte.
Hierbij beogen we een fijne manier van tafelen: eten met mondje dicht, geen ellebogen op tafel, boterham met 1 hand vasthouden, …
Kinderen die klaar zijn mogen fluisteren tegen iemand die ook gedaan heeft.
Warme refter: we stimuleren (zonder te forceren) om van alles ‘iets’ te eten.
Boterhammenrefter: kinderen die in de avondstudie blijven, mogen een stukje boterham overhouden (of voor tijdens de namiddagspeeltijd). ‘Milieubewust’ zijn boterhamdozen verplicht!
Het verlaten van eetzaal gebeurt terug per groep (of per rij) in huiselijke sfeer.
De speelplaats
Vijf belangrijkste regels op de speelplaats:
1. 1ste bel: ik ga naar de rij en sta op de stip ; 2de bel: ik ben stil
2. Ik gebruik geen lelijke woorden
3. Ik doe niemand pijn
4. Ik speel niet in de toiletten
5. Ik ben beleefd tegen iedereen die toezicht houdt
Ballen:
Op de speelplaatsen mag men alleen voetballen met zachte mouseballen (veiligheid) en enkel bij droog weer (netheid)! Om te basketten zijn alleen lichte plasticballen toegelaten. Tennis- en springballen zijn verboden.
Ballen die over de muurtjes geschopt worden mogen NOOIT door de leerlingen terug gehaald worden. Wachten tot de eigenaar de ballen teruggooit is de boodschap!
Allerlei:
In-line-skaten/rolschaatsen kan vanaf het derde leerjaar, per parallelklas op de afgesproken plaatsen en dagen. 1 minuut voor het eerste grote belteken (beëindigen van de speeltijd) rinkelt de bel gedurende één seconde! Dit is het signaal om onmiddellijk de schaatsen uit te doen opdat men tijdig in de rij kan komen staan.
Timing:
Bij het eerste groot belteken beëindigt men het spel en begeeft men zich naar de rijen. 1 minuut later, wanneer de bel voor de tweede keer lang rinkelt staat iedereen stil en wordt er gezwegen.
Selecteren van afval:
In alle gemeenschappelijke ruimten van onze school staan vier verschillende afvalcontainers nl: een mandje voor papier en karton, een groene container voor groenafval, een blauwe container voor PMD en een grijze voor restafval.
Ook op de speelplaats zijn drie grote afvalbakken geplaatst voor PMD (blauw), groenafval (groen) en restafval (grijs).
Achter de fietsenstalling wordt een afgesloten ruimte voorzien voor de centralisatie met gescheiden afvalcontainers van IVAGO/IDM
De speelplaats:
Zorg dragen voor elkaar en zich stijlvol gedragen
Niemand mag zich uitgesloten voelen. Beleefdheid en vriendelijkheid tegenover elkaar moeten het pesten, ruziemaken en brutaal spel vermijden.
De oudsten beschermen hierbij steeds de jongeren. Conflicten dienen steeds rustig uitgepraat te worden (verzorgde en beheerste taal)!
Speeltijden bieden mooie kansen tot goede sociale contacten; daarom zijn ‘walkmans’ dus niet toegelaten.
De speel- en zitbakken dienen om te spelen en te zitten, niet om er bovenop te gaan staan! Gevaarlijk speelgoed (bommetjes, mesjes, scherpe voorwerpen,…) blijft thuis!
Als er in de klas luizen bij een kind wordt vastgesteld, geven wij alle kleuters/leerlingen van de klas en de parallelklas een briefje mee met de vraag om uw kind(eren) goed te controleren. Indien u zelf luizen bij uw kind vaststelt (wekelijkse controle aub.!), vragen wij u om de school te verwittigen en het kind pas weer naar school te laten komen als het luizenvrij is.
Ook onze omgeving moet verzorgd worden: wij hebben respect voor het vele groen en alle gebouwen. Wij laten niets rondslingeren. Immers, als iedereen zijn afval in de vuilnisbak (grijs, blauw en groen) gooit, blijft de speelplaats netjes.
Boekentassen slingeren niet rond maar worden op de afgesproken plaatsen gezet, netjes op een rij.
Op school blijven we streven naar een stijlvolle, kindvriendelijke leefgemeenschap waar elk kind zich ten volle kan ontplooien (zonder factoren die deze ontwikkeling kunnen afremmen).
Met aandrang durven we elk kind vragen om "net" en "eenvoudig” gekleed naar school te komen. Extreme sierelementen (zoals oorringen en/of extra-gekleurde of te lange of speciaal geknipte haartooien bij jongens of extreem-hoge hakken, extreem-versierde of gekapselde haartooien bij meisjes), extra arm- en halsbanden en speciale klederdrachten worden op school niet toegelaten. Gel in de haren kan alleen als het niet speciaal opvalt (qua snit, lengte en vorm).
Elk draagt zorg voor het persoonlijk en gemeenschappelijk materieel zoals kledij, boeken, (liefst een stevige boekentas) enz.
Kinderen leren zorg dragen voor alles wat zij zelf beheren blijft enorm
belangrijk.
Alles wat van thuis mee naar school komt dient genaamtekend te zijn.
Verloren voorwerpen worden verzameld en meestal wekelijks / maandelijks bevraagd bij de leerlingen.
Fruit (appels, bananen,…) wordt ten zeerste aanbevolen. Snoep, zoals kauwgom wordt niet toegelaten, tenzij uitzonderlijk voor een verjaardag (hier schakelen meer en meer klassen over op alternatieve klasgeschenkjes waar alle kleuters / leerlingen ‘blijvend’ kunnen van genieten in de klas).
Afwijkend gedrag
We streven ernaar dat elk kind zich goed voelt in de klasgroep. De wet verplicht ons om te melden hoe we omgaan bij ernstige ontsporingen. Om de goede gang van zaken in onze opvoedingsgemeenschap te vrijwaren kan het schoolbestuur maatregelen treffen tegenover frequent storend gedrag vanwege leerlingen die na herhaaldelijke aanmaningen en gesprekken zich niet gedragen zoals het hoort. Het schoolbestuur kan via een aangetekend schrijven aan de ouders vragen om voor hun kind(eren) een andere school te zoeken en de leerling hierbij uit de school verwijderen.
Uiterlijk vijf dagen na ontvangst van de beslissing tot uitsluiting, kunnen de ouders schriftelijk beroep indienen bij de voorzitter van de beroepscommissie (Diocesaan bureau voor het katholiek onderwijs - beroepscommissie basisonderwijs, Marialand 31 te 9000 Gent).
Het beroep schort de uitvoering van de eerder genomen tuchtbeslissing niet op.